Citaat | Hoge Raad 3 oktober 2014
Onder 3.2.2 Hoge Raad 3 oktober 2014
Een alinea uit Hoge Raad 3 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2901.
[eiser] heeft aan zijn vorderingen ten grondslag gelegd dat het hem, gelet op het bepaalde in art. 4:67 Wft en de Richtlijn, vrij staat op kosten van DAS in het kader van de ontslagprocedure bij het UWV zelf zijn advocaat te kiezen of elke andere persoon met kwalificaties die door het nationale recht worden erkend. Art. 4.3 onder a en d van de polisvoorwaarden maakt inbreuk op het recht op vrije advocaatkeuze en is daarom onredelijk bezwarend en dus vernietigbaar of dient buiten toepassing te worden gelaten op grond van de redelijkheid en billijkheid en strijd met dwingend recht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b47181ec315a1d1f0d4da276d3eb8c5c7ad16385b61b8eb68811bff6259ac579. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b47181ec315a1d1f0d4da276d3eb8c5c7ad16385b61b8eb68811bff6259ac579, en de alinea staat in dat document op bytes 19490 tot 20101.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b47181ec315a1d1f0d4da276d3eb8c5c7ad16385b61b8eb68811bff6259ac579 | shasum -a 256