Citaat | Hoge Raad 7 oktober 2014
Onder 2.2.3. Hoge Raad 7 oktober 2014
Een alinea uit Hoge Raad 7 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2913.
Verdachte heeft bij de politie en in eerste aanleg een beroep gedaan op zijn zwijgrecht. In hoger beroep is hij niet verschenen. Verdachte heeft op geen enkele wijze aannemelijk gemaakt hoe hij op (legale wijze) aan het vermogen is gekomen. Er is met geld geschoven op een manier die geschikt is de herkomst en de werkelijke bezitter daarvan aan de waarneming te onttrekken. Er is contant geld op de bank gestort en nadien weer contant opgenomen om vervolgens contant de huur te betalen, zodat die geldstroom weer uit het zicht is. De ondoorzichtigheid die daarvan het gevolg was bracht mee dat het geld zeer wel buiten het zicht van politie en justitie had kunnen blijven. Dat is witwassen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/26a14c472c470f3c8a138245ca21f53181d7a9a94d607be707581d392255b620. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 26a14c472c470f3c8a138245ca21f53181d7a9a94d607be707581d392255b620, en de alinea staat in dat document op bytes 12537 tot 13241.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/26a14c472c470f3c8a138245ca21f53181d7a9a94d607be707581d392255b620 | shasum -a 256