Citaat | Hoge Raad 17 oktober 2014

Onder 2.3. Hoge Raad 17 oktober 2014

Een alinea uit Hoge Raad 17 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2984.

Voor de beantwoording van de vraag of de hiervoor bedoelde aanvaarding van de hoofdelijke aansprakelijkheid moet worden aangemerkt als een handelen van een aandeelhouder als zodanig, is beslissend of een (niet van de winst van de vennootschap afhankelijke) vergoeding kan worden bepaald waartegen een onafhankelijke derde bereid zou zijn geweest eenzelfde aansprakelijkheid te aanvaarden, onder overigens dezelfde voorwaarden en omstandigheden (vergelijk het hiervoor in 2.2 vermelde arrest). Met de hiervoor in 2.2. weergegeven oordelen heeft het Hof dit miskend. Dat geen sprake is van een situatie waarin duidelijk was dat de vennootschap het ontvangen krediet in de toekomst niet zou kunnen terugbetalen, sluit niet uit dat een onafhankelijke derde niet (tegen een vergoeding) bereid zou zijn geweest eenzelfde aansprakelijkheid te aanvaarden onder overigens dezelfde voorwaarden en omstandigheden. Bij de beantwoording van deze vraag is niet van belang dat de desbetreffende lening bij een derde is gesloten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd727c8225311f9915a36ae2e2ba7217e1012f62b1660b75434ccdc6791ad3c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd727c8225311f9915a36ae2e2ba7217e1012f62b1660b75434ccdc6791ad3c9, en de alinea staat in dat document op bytes 9988 tot 11014.