Citaat | Hoge Raad 17 oktober 2014
Onder 3.2.1 Hoge Raad 17 oktober 2014
Een alinea uit Hoge Raad 17 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2998.
De raadsman van betrokkene heeft herhaaldelijk luidkeels aan de persoon in de kamer met de gesloten deur meegedeeld dat de rechter was verschenen om haar te horen op het verzoek tot het verlenen van een voorlopige machtiging en haar verzocht de deur te openen zodat de rechter met haar kon spreken. De raadsman had op dezelfde wijze tevoren kenbaar gemaakt wie hij was, waarom hij daar aanwezig was en aan betrokkene meegedeeld dat hij haar de vorige dag al had gezegd dat de rechter zou komen om haar te horen. Toen betrokkene de deur niet opende en haar kamer niet verliet, heeft de raadsman haar meegedeeld dat het van belang was dat zij uit haar kamer zou komen en dat de rechter, als zij dat niet zou doen, zonder haar te horen een beslissing zou nemen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea814c3e0bea5e20e6f34cd3448a9a0ac8c496d2bd35991568719c1a627f2534. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea814c3e0bea5e20e6f34cd3448a9a0ac8c496d2bd35991568719c1a627f2534, en de alinea staat in dat document op bytes 8623 tot 9394.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea814c3e0bea5e20e6f34cd3448a9a0ac8c496d2bd35991568719c1a627f2534 | shasum -a 256