Citaat | Hoge Raad 31 oktober 2014
Onder 3.3.3 Hoge Raad 31 oktober 2014
Een alinea uit Hoge Raad 31 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:3080.
Het hof heeft de hiervoor in 3.3.2 weergegeven maatstaf vooropgesteld (rov. 4.7.1). Anders dan onderdeel 2a betoogt, heeft het hof die maatstaf ook toegepast (rov. 4.7.2.), zodat de rechtsklacht faalt. Het oordeel van het hof komt immers erop neer dat de betalingen van CZ Zorgkantoor niet berustten op een onmiskenbare vergissing, nu zij voortvloeiden uit een rechtsverhouding tussen CZ Zorgkantoor en Raad & Daad, die in ieder geval de curator (ook na enig onderzoek) aanleiding kon geven te veronderstellen dat (mogelijk) een rechtsgrond bestond voor de betalingen waarvan CZ Zorgkantoor terugbetaling verlangt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4579edddeaea6732aeb51ba3101846badaa98a8201e7e81a4af5d14eb46fdcb6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4579edddeaea6732aeb51ba3101846badaa98a8201e7e81a4af5d14eb46fdcb6, en de alinea staat in dat document op bytes 18471 tot 19102.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4579edddeaea6732aeb51ba3101846badaa98a8201e7e81a4af5d14eb46fdcb6 | shasum -a 256