Citaat | Hoge Raad 7 november 2014
Onder 4.4.1. Hoge Raad 7 november 2014
Een alinea uit Hoge Raad 7 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3122.
Bij het beantwoorden van de vraag of het leerlingenvervoer een economische activiteit betreft, rijst voorts de vraag – gelet op de door het Hof van Justitie in de punten 47 en 48 van het arrest Commissie/Finland in aanmerking genomen omstandigheden - of het rechtstreekse verband tussen het leerlingenvervoer en de door belanghebbende ontvangen bijdragen respectievelijk het bestaan van een tegenwaarde (indien geen symbolische vergoeding), moet worden beoordeeld door de in de Verordening neergelegde regeling als geheel in aanmerking te nemen. Of moet die beoordeling geschieden voor elke binnen het leerlingenvervoer te onderscheiden vervoersprestatie afzonderlijk, voor zover die prestatie tegen betaling van een bijdrage worden verricht?
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08cc87f1554f3c84469228f3ce56317455766743e4ced8db964371cfc37a14c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08cc87f1554f3c84469228f3ce56317455766743e4ced8db964371cfc37a14c9, en de alinea staat in dat document op bytes 27213 tot 27970.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/08cc87f1554f3c84469228f3ce56317455766743e4ced8db964371cfc37a14c9 | shasum -a 256