Citaat | Hoge Raad 7 januari 2014
Onder 2.3. Hoge Raad 7 januari 2014
Een alinea uit Hoge Raad 7 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:32.
De onderhavige tenlastelegging is toegesneden op art. 321 Sr. Daarom moet de in de tenlastelegging voorkomende uitdrukking "wederrechtelijk zich heeft toegeëigend" geacht worden aldaar te zijn gebezigd in dezelfde betekenis als toekomt aan dezelfde - in de vervoeging "wederrechtelijk zich toeëigent" - in dat artikel voorkomende uitdrukking. Van zodanig toe-eigenen is sprake indien een persoon zonder daartoe gerechtigd te zijn als heer en meester beschikt over een goed dat aan een ander toebehoort (vgl. HR 24 oktober 1989, ECLI:NL:HR:1989:ZC8253, NJ 1990/256).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/957ccc9b466545fa5645a2e0f55467a87141719fb00b3400cabc374bcf8f5b53. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 957ccc9b466545fa5645a2e0f55467a87141719fb00b3400cabc374bcf8f5b53, en de alinea staat in dat document op bytes 11467 tot 12048.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/957ccc9b466545fa5645a2e0f55467a87141719fb00b3400cabc374bcf8f5b53 | shasum -a 256