Citaat | Hoge Raad 18 november 2014

Onder 2.4. Hoge Raad 18 november 2014

Een alinea uit Hoge Raad 18 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3306.

Aan de verdachte is overtreding van art. 138a Sr ten laste gelegd. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 10 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:1729, geoordeeld dat indien de strafrechter bevindt dat een ontruiming op de voet van art. 551a Sv onrechtmatig is geweest, dit verzuim niet kan gelden als een vormverzuim dat is begaan in het kader van het voorbereidend onderzoek als bedoeld in art. 359a Sv naar de in de strafzaak aan de verdachte tenlastegelegde overtreding van art. 138a Sr. Daaruit volgt dat het Hof de gestelde onrechtmatige ontruiming ten onrechte heeft aangemerkt als een onherstelbaar vormverzuim in de zin van art. 359a Sv dat tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in de strafvervolging van de verdachte moet leiden. Het middel klaagt daarover terecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdfac6de76833aced4b9f3e0a3a9cf0f2ba2d3af96ad62047f767eee4ba66b66. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdfac6de76833aced4b9f3e0a3a9cf0f2ba2d3af96ad62047f767eee4ba66b66, en de alinea staat in dat document op bytes 17532 tot 18335.