Citaat | Hoge Raad 25 november 2014

Onder 2.3. Hoge Raad 25 november 2014

Een alinea uit Hoge Raad 25 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3376.

Hetgeen door de verdachte en zijn raadsvrouwe ter terechtzitting in hoger beroep naar voren is gebracht met betrekking tot de door de Politierechter opgelegde onvoorwaardelijke gevangenisstraf, kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als een standpunt dat duidelijk, door argumenten geschraagd en voorzien van een ondubbelzinnige conclusie ten overstaan van het Hof naar voren is gebracht. Het Hof is in zijn arrest van dit uitdrukkelijk onderbouwde standpunt afgeweken door het vonnis waarvan beroep te bevestigen, maar heeft, in strijd met art. 359, tweede lid tweede volzin, Sv niet in het bijzonder de redenen opgegeven die daartoe hebben geleid. Dat verzuim heeft ingevolge art. 359, achtste lid, Sv nietigheid tot gevolg.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86b576c2f1a0ce81e34232f50e8c818c5083e63c09fa849bcc709bdba8734349. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86b576c2f1a0ce81e34232f50e8c818c5083e63c09fa849bcc709bdba8734349, en de alinea staat in dat document op bytes 11430 tot 12173.