Citaat | Hoge Raad 16 december 2014

Onder 2.2. Hoge Raad 16 december 2014

Een alinea uit Hoge Raad 16 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3583.

De advocaat-generaal heeft ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde feit (groepsbelediging) aangevoerd - kort gezegd - dat de verdachte zich mondeling en in het openbaar opzettelijk beledigend heeft schuldig gemaakt aan belediging van homoseksuelen, als groep. De door de verdachte gedane uitlatingen zijn zowel op zichzelf als in hun context beledigend en kunnen niet worden gezien als een evidente bijdrage aan het maatschappelijk debat. Bovendien zijn de door de verdachte gedane uitlatingen onnodig grievend. Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde feit (aanzetten tot discriminatie) heeft de advocaat-generaal aangevoerd dat de door de verdachte gedane uitlatingen (tezamen en in samenhang bezien) op indirecte wijze aanzetten tot discriminatie van homoseksuelen en daarbij homoseksuelen als groep in hun (gelijke) rechten aantasten, terwijl hij deze uitlatingen niet heeft gedaan in de context van een debat en zij ook niet kunnen worden beschouwd als een bijdrage aan een maatschappelijk, politiek debat. Bovendien zijn de uitlatingen onnodig buitensporig en opzettelijk gedaan. Het onder 1 en 2 ten laste gelegde kan daarom worden bewezen. De advocaat-generaal concludeert voorts dat in deze zaak aan de door artikel 10, lid 2, van het Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) gestelde voorwaarden aan beperking van de vrijheid van meningsuiting is voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2935d464d649b045942fd84c6a7807160380858ecd35466d3f4522c2736ec479. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2935d464d649b045942fd84c6a7807160380858ecd35466d3f4522c2736ec479, en de alinea staat in dat document op bytes 14981 tot 16425.