Citaat | Hoge Raad 18 februari 2014
Onder 3.2. Hoge Raad 18 februari 2014
Een alinea uit Hoge Raad 18 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:377.
De raadkamer overweegt voorts dat uit het proces-verbaal van doorzoeking blijkt dat nadat de officieren van justitie zich ten kantore van [klaagster 2] hebben gemeld er eerst diverse (juridisch-inhoudelijke) gesprekken zijn gevoerd. Op enig moment is een lijst overhandigd waarop te lezen was welke personen, verbonden aan [klaagster 2], aan de dossiers van de personen waarop het strafrechtelijk onderzoek ziet, hebben gewerkt. Daarbij stond de functie van de betreffende (aan [klaagster 2] verbonden) personen vermeld. Op die lijst stond klager en zijn functie van fiscalist vermeld. Tevens werd tijdens dat gesprek duidelijk dat door [klaagster 2] onderscheid is gemaakt in het dossier, waarin ten behoeve en in opdracht van [klaagster 1] en [betrokkene 1] is gewerkt. Immers, tot 30 januari 2011 werd gewerkt onder matternummer [002] onder verantwoordelijkheid van [klager 3], zijnde advocaat. Na die datum werd gewerkt onder matternummer [001], doch alleen ten behoeve en in opdracht van [klaagster 1].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5cb8bb4e2662b0a594f37bcecedf53a1fce0958424f244342b6f91947737e043. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5cb8bb4e2662b0a594f37bcecedf53a1fce0958424f244342b6f91947737e043, en de alinea staat in dat document op bytes 14655 tot 15675.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5cb8bb4e2662b0a594f37bcecedf53a1fce0958424f244342b6f91947737e043 | shasum -a 256