Citaat | Hoge Raad 21 februari 2014
Onder 3.5.1 Hoge Raad 21 februari 2014
Een alinea uit Hoge Raad 21 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:415.
Door de vestiging van een beperkt recht op een vordering gaan de aan die vordering verbonden schuldeisersbevoegdheden niet zonder meer over op de beperkt gerechtigde. Of en in hoeverre dit het geval is, hangt af van de wettelijke regeling van het desbetreffende beperkte recht. Voor pand en vruchtgebruik kent de wet in dit verband verschillende regelingen, in art. 3:246 BW onderscheidenlijk art. 3:210 BW. Ook voor beslag geldt in dit verband een eigen regeling, in art. 475h lid 1 Rv .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e27701121e840755135cafb418b7054570d888009c9260067e3da4bad61a8700. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e27701121e840755135cafb418b7054570d888009c9260067e3da4bad61a8700, en de alinea staat in dat document op bytes 14433 tot 14970.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e27701121e840755135cafb418b7054570d888009c9260067e3da4bad61a8700 | shasum -a 256