Citaat | Hoge Raad 7 maart 2014
Onder 3.3.2. Hoge Raad 7 maart 2014
Een alinea uit Hoge Raad 7 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:445.
Uit het arrest van de Hoge Raad van 12 mei 1999, nr. 33286, ECLI:NL:HR:1999:AA2760, BNB 1999/257, volgt dat onder “onmiddellijk laden en lossen” dient te worden verstaan het bij voortduring inladen of uitladen van zaken van enige omvang of enig gewicht, onmiddellijk nadat het voertuig tot stilstand is gebracht en gedurende de tijd die daarvoor nodig is. Het moet gaan om zaken van een zodanige omvang of gewicht dat zij niet of bezwaarlijk op een andere wijze dan per voertuig ter plaatse kunnen worden gehaald of gebracht (vgl. HR 10 juni 1975, nr. 67 757, NJ 1975/481).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a5e9aff9eda71d88654f1aad7a042107d9724b8fdac8ab7d12377c30b268316. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a5e9aff9eda71d88654f1aad7a042107d9724b8fdac8ab7d12377c30b268316, en de alinea staat in dat document op bytes 9673 tot 10263.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0a5e9aff9eda71d88654f1aad7a042107d9724b8fdac8ab7d12377c30b268316 | shasum -a 256