Citaat | Hoge Raad 10 januari 2014

Onder 5.2 Hoge Raad 10 januari 2014

Een alinea uit Hoge Raad 10 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:51.

De onderdelen II en III keren zich tegen het oordeel van het hof dat de te verrichten belangenafweging in dit geval uitvalt in het voordeel van [verweerster]. Deze onderdelen zijn eveneens ongegrond. Het oordeel van het hof is verweven met waarderingen van feitelijke aard. Het geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting, is niet onbegrijpelijk en is naar behoren gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b0948fe641820380fd067f9354940b166b6b3d61390cdc11df7892c869f37193. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b0948fe641820380fd067f9354940b166b6b3d61390cdc11df7892c869f37193, en de alinea staat in dat document op bytes 17524 tot 17920.