Citaat | Hoge Raad 18 maart 2014

Onder 4.3. Hoge Raad 18 maart 2014

Een alinea uit Hoge Raad 18 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:652.

"Bij het vaststellen van het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel op grond van het eerste en tweede lid ter zake van strafbare feiten die door twee of meer personen zijn gepleegd, kan de rechter bepalen dat deze hoofdelijk dan wel voor een door hem te bepalen deel aansprakelijk zijn voor de gezamenlijke betalingsverplichting."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/151c2b05d49f5d6e581d16db6f0ab8d8c6cfdfae263ed1e3834e1985aa327565. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 151c2b05d49f5d6e581d16db6f0ab8d8c6cfdfae263ed1e3834e1985aa327565, en de alinea staat in dat document op bytes 19109 tot 19463.