Citaat | Hoge Raad 28 maart 2014
Onder 3.4.6. Hoge Raad 28 maart 2014
Een alinea uit Hoge Raad 28 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:689.
Bij de beoordeling van dit tijdsverloop heeft het Hof grote betekenis toegekend aan de omstandigheid dat de “geautomatiseerde zoekslag is uitgevoerd door één EDP-medewerker die daaraan (…) een gedeelte van zijn werktijd heeft besteed”. Zonder nadere motivering, die in de bestreden uitspraak niet is gegeven, is evenwel niet begrijpelijk dat het Hof deze omstandigheid redengevend heeft geacht voor zijn oordeel dat niet de vereiste voortvarendheid in acht is genomen. Om dat oordeel begrijpelijk te doen zijn zou ten minste nader uiteengezet moeten zijn welke omstandigheden het oordeel kunnen dragen dat van de Belastingdienst met het oog op de vereiste voortvarendheid, en met inachtneming van het hiervoor in 3.4.3 overwogene, redelijkerwijs een andere organisatie van de te verrichten werkzaamheden verlangd had mogen worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4800fe61ec389b01fca93baa787cb5b985e3aedab358063c6f02cbe8e00dcc5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4800fe61ec389b01fca93baa787cb5b985e3aedab358063c6f02cbe8e00dcc5, en de alinea staat in dat document op bytes 18732 tot 19583.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f4800fe61ec389b01fca93baa787cb5b985e3aedab358063c6f02cbe8e00dcc5 | shasum -a 256