Citaat | Hoge Raad 25 maart 2014

Onder 3.4.2. Hoge Raad 25 maart 2014

Een alinea uit Hoge Raad 25 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:716.

In het vorenstaande wordt gesproken over "in beginsel", omdat niet valt uit te sluiten dat anders moet worden geoordeeld in het bijzondere geval dat zulk "overdragen", "gebruik maken" of "omzetten" van door eigen misdrijf verkregen voorwerpen plaatsvindt onder omstandigheden die niet wezenlijk verschillen van gevallen waarin een verdachte die een bepaald misdrijf heeft begaan en die daarmee de door dat misdrijf verkregen voorwerpen verwerft of voorhanden heeft, zich automatisch ook schuldig zou maken aan het witwassen van die voorwerpen. Voorkomen moet immers worden dat de hiervoor onder 3.3 weergegeven regels worden omzeild enkel door het tenlasteleggen en/of bewezenverklaren van een andere delictsgedraging dan "verwerven" of "voorhanden hebben". In zo een bijzonder geval geldt eveneens dat, wil het handelen kunnen worden aangemerkt als "witwassen", sprake dient te zijn van een gedraging die een op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van die voorwerpen gericht karakter heeft in de hierboven onder 3.3 omschreven zin.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d10f02224c941307b2fc5139ce08c4b78501a8c9347b6bcdd6e0dbb98ddb4ad9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d10f02224c941307b2fc5139ce08c4b78501a8c9347b6bcdd6e0dbb98ddb4ad9, en de alinea staat in dat document op bytes 34198 tot 35274.