Citaat | Hoge Raad 28 maart 2014
Onder 3.12 Hoge Raad 28 maart 2014
Een alinea uit Hoge Raad 28 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:736.
De vordering van [eiser] c.s. strekt tot vergoeding van schade die zij hebben geleden door de lange duur van behandeling van hun zaak door de rechtbank. Die schade staat in onvoldoende verband tot de onteigening om te worden aangemerkt als onteigeningsgevolg. [eiser] c.s. kunnen derhalve niet met succes van hun processuele wederpartij, de Gemeente, vergoeding van dergelijke schade eisen. Hun aanspraak dient te worden gericht tot de Staat. Dit is in overeenstemming met de inmiddels vaste rechtspraak van de hoogste bestuursrechters, vgl. onder meer ABRvS 4 juni 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BD3121, AB 2008/229, CRvB 26 januari 2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BH1009, AB 2009/241, HR (derde kamer) 10 juni 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO5046, BNB 2011/232 en HR (derde kamer) 7 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:CA2313.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a88c13adb82bd728e3b899067358dcfadd321a99c5b4e1a6b9f315abfe53eb8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a88c13adb82bd728e3b899067358dcfadd321a99c5b4e1a6b9f315abfe53eb8, en de alinea staat in dat document op bytes 25434 tot 26242.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0a88c13adb82bd728e3b899067358dcfadd321a99c5b4e1a6b9f315abfe53eb8 | shasum -a 256