Citaat | Hoge Raad 4 april 2014
Onder 4.4 Hoge Raad 4 april 2014
Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:797.
Volgens de onderdelen 2.3 en 2.3.1 heeft de ondernemingskamer in (onder meer) rov. 3.20 – 3.22 blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting omtrent art. 2:355 lid 1 BW, door in afwijking van het verslag van de onderzoeker te oordelen dat het bestuur van de Vennootschap nalatig is geweest in de vaststelling en uitvoering van het beleid rondom de eerste verwatering. Deze klacht faalt. De ondernemingskamer is niet gebonden aan de oordelen die de onderzoeker in zijn verslag heeft verbonden aan de door hem onderzochte feiten. Zij kan derhalve, mede aan de hand van hetgeen partijen voor haar hebben aangevoerd, tot een ander oordeel over de onderzochte handelingen komen (vgl. HR 18 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF2161, NJ 2003/286, rov. 3.13 en rov. 3.21).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/289c8296a3be8735d92d89ad99ff880017c1c4fac8ee8b99c26078140f84bcfe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 289c8296a3be8735d92d89ad99ff880017c1c4fac8ee8b99c26078140f84bcfe, en de alinea staat in dat document op bytes 32237 tot 33011.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/289c8296a3be8735d92d89ad99ff880017c1c4fac8ee8b99c26078140f84bcfe | shasum -a 256