Citaat | Hoge Raad 4 april 2014
Onder 3.6.1 Hoge Raad 4 april 2014
Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:830.
Vervolgens heeft het hof in het midden gelaten of de verkoop van dierbenodigdheden door [betrokkene 1] in de door hem gedreven winkel in hengelsportartikelen gezien zou kunnen worden als economische eenheid in de zin van art. 7:663 BW, en – veronderstellenderwijs daarvan uitgaand – geoordeeld dat er geen sprake van is geweest dat [verweerder] de exploitatie daarvan heeft voortgezet. Laatstgenoemd oordeel heeft het hof doen steunen op zijn vaststelling dat niet is gebleken dat [verweerder] voorraden van [betrokkene 1] heeft overgenomen, maar dat deze integendeel in de uitverkoop zijn gedaan, dat [verweerder] zijn winkel in een ander pand exploiteert dan [betrokkene 1], met een andere winkelinrichting, en dat [verweerder] als Welkoop-franchisenemer zijn winkel conform de Welkoop-formule dient in te richten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/750bc8b08f4bc5c12306ab7c4c8cbbc37aec91eb696080a50b0005a91216ca13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 750bc8b08f4bc5c12306ab7c4c8cbbc37aec91eb696080a50b0005a91216ca13, en de alinea staat in dat document op bytes 19708 tot 20542.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/750bc8b08f4bc5c12306ab7c4c8cbbc37aec91eb696080a50b0005a91216ca13 | shasum -a 256