Citaat | Hoge Raad 8 april 2014
Onder 2.2.3. Hoge Raad 8 april 2014
Een alinea uit Hoge Raad 8 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:848.
Medeverdachte [betrokkene 2] heeft op 4 december 2009 verklaard dat hij de dag ervoor rond 17.00 uur werd gebeld door mijn cliënt en dat mijn cliënt hem toen heeft gevraagd om te helpen met inbreken. Op 5 december 2009 heeft hij evenwel verklaard dat ze de dinsdag of de woensdag vóór de inbraak al over de inbraak hadden gesproken. Deze verklaringen zijn dus tegenstrijdig.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a11abe2e3f513b615a6800cd4a715d90784c6230c05598397aee070f69b0340. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a11abe2e3f513b615a6800cd4a715d90784c6230c05598397aee070f69b0340, en de alinea staat in dat document op bytes 17614 tot 18005.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7a11abe2e3f513b615a6800cd4a715d90784c6230c05598397aee070f69b0340 | shasum -a 256