Citaat | Hoge Raad 8 april 2014
Onder 2.2.3. Hoge Raad 8 april 2014
Een alinea uit Hoge Raad 8 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:848.
In het proces-verbaal van bevindingen op dossierpagina 116 hebben verbalisanten gerelateerd dat zij direct na de inbraak van de vader van mijn cliënt hoorden dat hij was aangehouden in verband met een inbraak in de woning van [betrokkene 1]. Mijn cliënt is evenwel pas later opgepakt. In hetzelfde proces-verbaal wordt gesuggereerd dat de getuige [getuige 2] door mijn cliënt is bedreigd. Hier is geen enkele ondersteuning voor.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a11abe2e3f513b615a6800cd4a715d90784c6230c05598397aee070f69b0340. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a11abe2e3f513b615a6800cd4a715d90784c6230c05598397aee070f69b0340, en de alinea staat in dat document op bytes 20238 tot 20682.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7a11abe2e3f513b615a6800cd4a715d90784c6230c05598397aee070f69b0340 | shasum -a 256