Citaat | Hoge Raad 22 april 2014

Onder 3.2.1. Hoge Raad 22 april 2014

Een alinea uit Hoge Raad 22 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:953.

[betrokkene 1] had haar op 11/10 huilend verteld dat hij iets ergs had gedaan, dat hij iemand had omgelegd. Mogelijk had hij het over wurging en ze hadden gas aangezet. [betrokkene 6] had hierover met [betrokkene 7] gesproken aan de tel en niet gelogen. [betrokkene 6] wist niet of [verdachte] er ook aan mee had gedaan en vermoedde dat [betrokkene 1] dit met [betrokkene 4] had besproken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/43fc0ac65864088077a7286fca98450401a4158d003db2aed6fdae23fd77619c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 43fc0ac65864088077a7286fca98450401a4158d003db2aed6fdae23fd77619c, en de alinea staat in dat document op bytes 43007 tot 43423.