Citaat | Hoge Raad 22 april 2014
Onder 2.2.3. Hoge Raad 22 april 2014
Een alinea uit Hoge Raad 22 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:957.
"De verdediging heeft ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde eveneens vrijspraak bepleit. De verdediging heeft daartoe aangevoerd dat de verdachte van meet af aan heeft ontkend dat hij zijn ex-echtgenote in januari 2009 heeft gestompt. De verdachte heeft zich voorts op het standpunt gesteld dat de verklaringen van aangeefster onvoldoende betrouwbaar zijn om tot het bewijs te kunnen worden gebezigd, nu de aangeefster heeft verklaard dat zij ten tijde van de beweerdelijke stomp pas een paar weken in verwachting was, terwijl [betrokkene 1], die als getuige heeft verklaard aangeefster te hebben opgevangen nadat zij hem had verteld in haar buik te zijn geschopt, heeft verklaard dat [slachtoffer] op dat moment vier tot vijf maanden zwanger was, zodat dit incident niet in januari 2009 kan hebben plaatsgevonden. Immers, hun tweede kind, dochter [betrokkene 2], is op [geboortedatum] 2009 geboren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcfce6bee4c263a75afca9aa5f9484a92cc89f0f4d88702fee9754f77e555739. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcfce6bee4c263a75afca9aa5f9484a92cc89f0f4d88702fee9754f77e555739, en de alinea staat in dat document op bytes 8792 tot 9712.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcfce6bee4c263a75afca9aa5f9484a92cc89f0f4d88702fee9754f77e555739 | shasum -a 256