Citaat | Hoge Raad 22 april 2014
Onder 2.4. Hoge Raad 22 april 2014
Een alinea uit Hoge Raad 22 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:957.
In het onderhavige geval kan niet worden gezegd dat de tot het bewijs gebezigde verklaring van de aangeefster [slachtoffer] onvoldoende steun vindt in het overige bewijsmateriaal, in aanmerking genomen dat de eveneens tot het bewijs gebezigde verklaring van [betrokkene 1] onder meer inhoudt dat de aangeefster tijdens haar zwangerschap niet alleen huilend, maar ook verkrampt en met haar handen op haar buik aan de voordeur stond. Voor zover het middel klaagt dat sprake is van schending van art. 342, tweede lid, Sv kan het dan ook niet tot cassatie leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcfce6bee4c263a75afca9aa5f9484a92cc89f0f4d88702fee9754f77e555739. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcfce6bee4c263a75afca9aa5f9484a92cc89f0f4d88702fee9754f77e555739, en de alinea staat in dat document op bytes 12949 tot 13521.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcfce6bee4c263a75afca9aa5f9484a92cc89f0f4d88702fee9754f77e555739 | shasum -a 256