Citaat | Hoge Raad 22 april 2014

Onder 2.3. Hoge Raad 22 april 2014

Een alinea uit Hoge Raad 22 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:972.

Bij de beslissing op een verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak dient de rechter een afweging te maken tussen alle daarbij betrokken belangen, waaronder het belang van de verdachte bij het kunnen uitoefenen van zijn aanwezigheidsrecht, het belang dat niet alleen de verdachte maar ook de samenleving heeft bij een doeltreffende en spoedige berechting en het belang van een goede organisatie van de rechtspleging (vgl. HR 26 januari 1999, ECLI:NL:HR: 1999:ZD1314, NJ 1999/294).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6d4e09e42a42e9c591e8008cbd13877f73c1dc5cb73c601a08cc8f8167fb70fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6d4e09e42a42e9c591e8008cbd13877f73c1dc5cb73c601a08cc8f8167fb70fd, en de alinea staat in dat document op bytes 8205 tot 8709.