Citaat | Hoge Raad 17 januari 2014

Onder 3.3.2 Hoge Raad 17 januari 2014

Een alinea uit Hoge Raad 17 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:98.

Het hof heeft (in rov. 3.5.5) overwogen dat in een eenmaal uitgesproken faillissement uitgegaan dient te worden van het bestaan van – mogelijk nog onbekende – schulden, tenzij het tegendeel aannemelijk kan worden gemaakt, alsook dat het hof in het onderhavige geval uitgaat van het bestaan van mogelijk ten tijde van zijn beslissing nog onbekende steunvorderingen. Dit oordeel is onjuist. Voor het in hoger beroep handhaven van een faillissement is – evenals voor het uitspreken van een faillissement – vereist dat het bestaan van steunvorderingen summierlijk is gebleken. Het hof had derhalve naar aanleiding van de stellingen van [verzoekster] moeten onderzoeken of (nog) daadwerkelijk aan dit vereiste was voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d80624a73d8179c0380b7eac2cffa4b48bf7157a99184187c2e59495ae98c42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d80624a73d8179c0380b7eac2cffa4b48bf7157a99184187c2e59495ae98c42, en de alinea staat in dat document op bytes 11290 tot 12029.