Citaat | Hoge Raad 17 april 2015

Onder 3.5.4 Hoge Raad 17 april 2015

Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1063.

Zoals vermeld, beperkt art. 36 VWEU de uitzondering voor (onder meer) rechten van intellectuele eigendom in die zin dat de in weerwil van de art. 34 en 35 VWEU aanvaarde verboden of beperkingen geen middel tot willekeurige discriminatie, noch een verkapte beperking van de handel tussen de lidstaten mogen vormen. Simba c.s. hebben in feitelijke instanties aangevoerd dat daarvan in dit geval sprake is, waartoe zij zich hebben beroepen op een aantal omstandigheden, als vermeld in onderdeel I.7 van de cassatiedagvaarding. Het hof heeft dat verweer verworpen met de overweging (in de hiervoor aangehaalde rov. 10.1) dat Simba c.s. niet hebben onderbouwd waarom sprake zou zijn van willekeurige discriminatie of een verkapte beperking van de handel tussen lidstaten. Daartegen richt zich onderdeel I.II met een rechts- en motiveringsklacht. Het betoogt dat het hof, dat aan deze stellingen geen kenbare aandacht heeft besteed zodat in cassatie van de juistheid daarvan moet worden uitgegaan, te zware eisen heeft gesteld aan de stelplicht van Simba c.s. terzake, althans een onbegrijpelijke beslissing heeft gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ece6fcd242bbea1a5c63d5e432086fef84ee254992cc351afc49d6bb1e7e081. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ece6fcd242bbea1a5c63d5e432086fef84ee254992cc351afc49d6bb1e7e081, en de alinea staat in dat document op bytes 19876 tot 21006.