Citaat | Hoge Raad 24 april 2015

Onder 2.3.2. Hoge Raad 24 april 2015

Een alinea uit Hoge Raad 24 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1083.

Voor de heffing van inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (hierna: belasting) geldt dat bij inhoudelijke gebreken in een aangifte slechts dan kan worden aangenomen dat de vereiste aangifte niet is gedaan, indien aan de hand van de normale regels van stelplicht en bewijslast is vastgesteld dat sprake is van één of meer gebreken die ertoe leiden dat de volgens de aangifte verschuldigde belasting verhoudingsgewijs aanzienlijk lager is dan de werkelijk verschuldigde belasting. Tevens is vereist dat het bedrag van de belasting dat als gevolg van de hiervoor bedoelde gebreken in de aangifte niet zou zijn geheven, op zichzelf beschouwd aanzienlijk is. Inhoudelijke gebreken in de aangifte worden slechts in aanmerking genomen indien de belastingplichtige ten tijde van het doen van aangifte wist of zich ervan bewust moest zijn dat daardoor een aanzienlijk bedrag aan belasting niet zou worden geheven (zie HR 30 oktober 2009, nr. 07/10513, ECLI:NL:HR:2009:BH1083, BNB 2010/47).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6ca7e14dadae8340895c1fcbaa8ea1e5562be495b196e641740573c7b4e5e0e1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6ca7e14dadae8340895c1fcbaa8ea1e5562be495b196e641740573c7b4e5e0e1, en de alinea staat in dat document op bytes 9260 tot 10262.