Citaat | Hoge Raad 21 april 2015

Onder 3.2.3. Hoge Raad 21 april 2015

Een alinea uit Hoge Raad 21 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1090.

- verdachte heeft op de dag van het aantreffen van de auto als passagier in die auto gezeten. Het door de raadsman genoemde arrest van de Hoge Raad van 8 januari 2013 is naar het oordeel van het hof niet van toepassing op het onderhavige geval. Naar het oordeel van het hof kan het, gelet op de omstandigheden waaronder de goederen zijn getroffen en de hoeveelheid goederen, niet anders zijn dan dat die goederen - middellijk of onmiddellijk - uit enig misdrijf afkomstig zijn. Aan verdachte is echter niet tenlastegelegd dat zij die goederen zelf heeft gestolen, noch is zulks feitelijk gebleken, zodat het hof niet aanneemt dat de goederen uit eigen misdrijf zijn verkregen. Het is dus niet nodig om vast te stellen dat de gedragingen van verdachte (kennelijk) ook gericht waren op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van de goederen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef57add8067b5a8bd75a17e48a65969c94db1f62d034372e9eb129aa38f85f8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef57add8067b5a8bd75a17e48a65969c94db1f62d034372e9eb129aa38f85f8f, en de alinea staat in dat document op bytes 16580 tot 17473.