Citaat | Hoge Raad 22 mei 2015
Onder 2.2.2. Hoge Raad 22 mei 2015
Een alinea uit Hoge Raad 22 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1259.
Het Hof heeft geoordeeld dat de Inspecteur zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat deze accijnsschuld onder de aftrekuitsluiting van artikel 3.14 van de Wet IB 2001 valt. Het begrip ‘kosten en lasten [die verband houden met (...) misdrijven]’ uit artikel 3.14, lid 1, aanhef en letter d, van de Wet IB 2001 omvat geen belastingen, zoals de onderhavige accijnzen, aldus het Hof. Het Hof heeft voorts geoordeeld dat belanghebbende wat betreft de jaren 2005 en 2006 overtuigend heeft aangetoond dat ter zake van de voor die jaren als resultaat uit overige werkzaamheden in aanmerking genomen (geschatte) inkomsten uit de handel in sigaretten, een voorziening mag worden gevormd voor de in verband met deze handel nageheven accijnzen en omzetbelasting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa565741ad11a6080a72ee9e3f52ca4f484d7cec3e7ba9b791f5f013ff4a615c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa565741ad11a6080a72ee9e3f52ca4f484d7cec3e7ba9b791f5f013ff4a615c, en de alinea staat in dat document op bytes 10914 tot 11692.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fa565741ad11a6080a72ee9e3f52ca4f484d7cec3e7ba9b791f5f013ff4a615c | shasum -a 256