Citaat | Hoge Raad 27 januari 2015

Onder 2.2.2. Hoge Raad 27 januari 2015

Een alinea uit Hoge Raad 27 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:132.

Toen wij nagenoeg links op dezelfde hoogte kwamen van de Nissan kon ik, [verbalisant 1], de bestuurder goed zien. Ik keek hem aan en zag dat de bestuurder ook in mijn richting keek. Ik keek hem in zijn gelaat. Hierdoor herkende ik later de verdachte [verdachte] onmiskenbaar terug als de bestuurder van de Nissan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/04fd0ecda7110a619837c34bf5f778ebdbf8c596fded5a54f16d62d09cf388ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 04fd0ecda7110a619837c34bf5f778ebdbf8c596fded5a54f16d62d09cf388ef, en de alinea staat in dat document op bytes 10823 tot 11149.