Citaat | Hoge Raad 26 mei 2015

Onder 2.2.3. Hoge Raad 26 mei 2015

Een alinea uit Hoge Raad 26 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1334.

Subsidiair is door de raadsman van verdachte betoogd dat hem een beroep op putatief noodweer toekomt. Van putatief noodweer is sprake wanneer men verschoonbaar dwaalt over het bestaan van een noodweersituatie. Iemand komt, met andere woorden, een beroep op putatief noodweer toe indien omstandigheden aannemelijk zijn geworden die hem redelijkerwijs aanleiding konden geven te veronderstellen dat hij dreigde te worden aangevallen. Een beroep op putatief noodweer dient met een objectieve ex tunc toets te worden beoordeeld: "Zou de gemiddelde rechtsgenoot geplaatst in de situatie van verdachte, ook in de veronderstelling hebben verkeerd dat hij werd aangevallen of dreigde te worden aangevallen?". In dit geval betekent dit dat moet worden beoordeeld of een andere politieambtenaar, met een gelijke ervaring en opleiding als verdachte, eveneens in de veronderstelling zou hebben verkeerd dat hij werd aangevallen. In dat kader komt betekenis toe aan de zogenaamde Garantenstellung. Op grond van deze Garantenstellung kunnen aan politieambtenaren op grond van hun beroep, opleiding en training andere eisen worden gesteld dan een normale burger. Van een politieambtenaar kan worden gevergd dat hij in precaire situaties meer dan een gewone burger zelfbeheersing en tactisch inzicht heeft en in het geval van een confrontatie met verdachten niet te snel naar zijn dienstwapen zal grijpen, maar in staat blijft afgewogen beslissingen te nemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d6daf69df7d0590e67d988a111c9ed7f2a6029e4bd19b798113f70b318064bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d6daf69df7d0590e67d988a111c9ed7f2a6029e4bd19b798113f70b318064bd, en de alinea staat in dat document op bytes 15279 tot 16735.