Citaat | Hoge Raad 30 januari 2015

Onder 3.2.1 Hoge Raad 30 januari 2015

Een alinea uit Hoge Raad 30 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:163.

In dit geding vorderen [eiser] c.s. de Bank te veroordelen tot voortzetting van de regeling ter zake van de bijdrage in de ziektekosten na 1 januari 2006 op de in het petitum in verschillende varianten geformuleerde voet. Zij leggen aan hun vordering ten grondslag dat de Bank contractueel gehouden is de regeling levenslang en onvoorwaardelijk op hen toe te passen. Volgens [eiser] c.s. heeft de Bank zonder hun instemming en zonder gegronde reden de werkgeversbijdrage eenzijdig beëindigd, heeft zij zich de bevoegdheid tot zodanige eenzijdige wijziging niet voorbehouden en had zij niet een zodanig zwaarwegend belang dat zij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid tot eenzijdige beëindiging kon besluiten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/87f073ee4c3c09189b7c062ac309f4b2e1a359fae627442ae82ed7c2dc9a2347. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 87f073ee4c3c09189b7c062ac309f4b2e1a359fae627442ae82ed7c2dc9a2347, en de alinea staat in dat document op bytes 15194 tot 15927.