Citaat | Hoge Raad 19 juni 2015
Onder 4.3. Hoge Raad 19 juni 2015
Een alinea uit Hoge Raad 19 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1683.
Uit het enkele feit dat B&W bij brief van 13 maart 1990 (…) geen voorbehoud hebben gemaakt ten aanzien van het gebruik van de woning, kan, anders dan [eiser] kennelijk meent, evenmin worden afgeleid dat [eiser] in redelijkheid mocht denken dat hij zijn plannen ten aanzien van de woning zonder meer zou kunnen uitvoeren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/20e12fe3af998949d103086eb3a8ce98672cae2dafa8006693384d153e270d75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 20e12fe3af998949d103086eb3a8ce98672cae2dafa8006693384d153e270d75, en de alinea staat in dat document op bytes 18286 tot 18625.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/20e12fe3af998949d103086eb3a8ce98672cae2dafa8006693384d153e270d75 | shasum -a 256