Citaat | Hoge Raad 26 juni 2015

Onder 3.13.2 Hoge Raad 26 juni 2015

Een alinea uit Hoge Raad 26 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1728.

Het HvJEU heeft in zijn prejudiciële arrest overwogen dat redenen van zuiver economische aard geen dwingende reden van algemeen belang vormen die een beperking van de vrijheid van kapitaalverkeer kunnen rechtvaardigen, maar dat dit anders kan zijn indien de nationale regeling is ingegeven door economische belangen die een doelstelling van algemeen belang nastreven (punt 51-52). De doelstellingen om kruissubsidiëring in ruime zin tegen te gaan, transparantie op de energiemarkt te bewerken en concurrentieverstoring te voorkomen, moeten de onvervalste mededinging op de markten van productie, levering en handel in energie op het Nederlandse grondgebied verzekeren, terwijl met de doelstelling van het tegengaan van kruissubsidiëring bovendien wordt beoogd te waarborgen dat voldoende in het distributienet voor elektriciteit en gas wordt geïnvesteerd (punt 56). De doelstelling van onvervalste mededinging wordt ook door het VWEU nagestreefd, zulks om uiteindelijk de consument te beschermen, hetgeen een dwingend vereiste van algemeen belang is (punt 58). De doelstelling om voor voldoende investeringen in de distributienetten te zorgen strekt met name ertoe de zekerheid van energievoorziening te waarborgen, hetgeen eveneens een dwingend vereiste van algemeen belang is (punt 59). De richtlijnen 2003/54 (elektriciteit) en 2003/55 (gas), ter omzetting waarvan de Won strekt, beogen een open en transparante markt, niet-discriminatoire toegang tot de distributienetten en eerlijke concurrentie te waarborgen, waarbij de Uniewetgever de distributienetbeheerders effectieve bevoegdheden wilde geven. Het onderhoud en de aanleg van de nodige netwerkinfrastructuur zijn blijkens de considerans van deze richtlijnen belangrijke elementen voor het waarborgen van een stabiele elektriciteits- en gasvoorziening. Daarom heeft Nederland met de invoering van het groepsverbod en het verbod op nevenactiviteiten, ook al zijn deze maatregelen niet door de genoemde richtlijnen voorgeschreven, de door deze richtlijnen beoogde doelstellingen nagestreefd. (punt 60-64) Ook uit de richtlijnen 2009/72 en 2009/73 blijkt de wil van de Uniewetgever om voor niet-discriminatoire toegang tot de distributienetten en voor markttransparantie te zorgen, kruissubsidiëring te voorkomen, een stabiele elektriciteits- en gasvoorziening te waarborgen door middel van voldoende investeringen in de netwerken, en de uitwisseling van vertrouwelijke gegevens tussen de netbeheerders en de productie- en leveringsbedrijven te verhinderen (punt 65). De in de prejudiciële vraag genoemde doelstellingen kunnen dus in beginsel als dwingende vereisten van algemeen belang de geconstateerde beperkingen van de fundamentele vrijheden rechtvaardigen. Het staat echter aan de nationale rechter om na te gaan of deze beperkingen geschikt zijn om de doelstellingen te bereiken en niet verder gaan dan noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de beoogde doelstellingen. (punt 66-67) Op grond van deze overwegingen heeft het HvJEU de derde prejudiciële vraag als volgt beantwoord:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0bcacff0a9356c13f3864350ea0c0b9c846af6718c2acf97d229f77be73f3ad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0bcacff0a9356c13f3864350ea0c0b9c846af6718c2acf97d229f77be73f3ad, en de alinea staat in dat document op bytes 25972 tot 29038.