Citaat | Hoge Raad 26 juni 2015

Onder 3.5 Hoge Raad 26 juni 2015

Een alinea uit Hoge Raad 26 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1748.

In een geval als het onderhavige kan de huurder in elk geval als belanghebbende in de zin van art. 798 lid 1 Rv worden aangemerkt indien aannemelijk is dat toewijzing van het verzoek leidt tot een dreiging van inbreuk op zijn rechten als huurder. Indien het hof ervan is uitgegaan dat de zojuist vermelde stellingen van [verzoeker] over de huurverhouding hem nog niet tot belanghebbende maken, is het derhalve uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting. Indien het hof op andere gronden aan die stellingen is voorbijgegaan, heeft het zijn oordeel onvoldoende gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f16f10c2dd811948b71e3dcfbfb93ecbb76e2c41e697e507d550ee43947f5999. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f16f10c2dd811948b71e3dcfbfb93ecbb76e2c41e697e507d550ee43947f5999, en de alinea staat in dat document op bytes 11818 tot 12403.