Citaat | Hoge Raad 30 juni 2015
Onder 2.3. Hoge Raad 30 juni 2015
Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1756.
De stelling van de raadsman dat artikel 344 Sr een specialis is van artikel 343 Sr vindt geen steun in het recht. Reeds daarom verwerpt het hof het verweer van de raadsman. Het hof legt de tenlastelegging zo uit dat de steller daarvan beoogd heeft de verhouding tussen beide delictsomschrijvingen aldus te bepalen dat artikel 343 Sr een kwaliteitsdelict is waarvan als normadressaat zijn aangewezen de bestuurders en commissarissen van de gefailleerde rechtspersoon. Juist is dat de wetgever paulianeuze gedragingen die zijn verricht door een ander dan de gefailleerde schuldenaar of zijn bestuurder(s) in een afzonderlijke strafbepaling, te weten artikel 344 Sr, heeft ondergebracht, maar dat laat onverlet dat deze 'derden' onder omstandigheden ook in zodanige mate met die schuldenaar of zijn bestuurders kunnen hebben samengewerkt, dat zij tevens kunnen worden vervolgd voor het strafrechtelijk deelnemen aan bedrieglijke bankbreuk als bedoeld in artikel 343 Sr. De tenlastelegging kan in redelijkheid aldus worden begrepen. Naar het oordeel van het hof is van tegenstrijdigheid in de tenlastelegging geen sprake.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/84f44fdcfe821c19946afb9eaeccd35ee13b3c2314fe4123ddfa537613a904ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 84f44fdcfe821c19946afb9eaeccd35ee13b3c2314fe4123ddfa537613a904ab, en de alinea staat in dat document op bytes 14583 tot 15714.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/84f44fdcfe821c19946afb9eaeccd35ee13b3c2314fe4123ddfa537613a904ab | shasum -a 256