Citaat | Hoge Raad 10 juli 2015
Onder 2.4. Hoge Raad 10 juli 2015
Een alinea uit Hoge Raad 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1776.
Voor het geding na verwijzing is van belang dat een redelijke verdeling van de bewijslast meebrengt dat het op de weg ligt van belanghebbende om de feiten die meebrengen dat sprake is van economische veroudering te stellen en bij betwisting aannemelijk te maken. Indien en voor zover belanghebbende aan deze stelplicht en bewijslast heeft voldaan, komt de vraag aan de orde of de heffingsambtenaar bij de waardevaststelling in voldoende mate rekening heeft gehouden met het waardeverminderende effect dat uitgaat van de economische veroudering. Bij de beantwoording van die laatste vraag moet als leidraad worden genomen hetgeen is overwogen omtrent de bewijslastverdeling in onderdeel 3.2 van het arrest van de Hoge Raad van 14 oktober 2005, nr. 40299, ECLI:NL:HR:2005:AU4300, BNB 2005/378 (gemeente Oost-Flakkee).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0b80b3aaf4fc68eb1e67949d75e9d2b92656b2c695389c65953332d0cb820b5c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0b80b3aaf4fc68eb1e67949d75e9d2b92656b2c695389c65953332d0cb820b5c, en de alinea staat in dat document op bytes 13520 tot 14348.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0b80b3aaf4fc68eb1e67949d75e9d2b92656b2c695389c65953332d0cb820b5c | shasum -a 256