Citaat | Hoge Raad 7 juli 2015

Onder 2.2.2. Hoge Raad 7 juli 2015

Een alinea uit Hoge Raad 7 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1817.

Bovendien heeft [slachtoffer 2] kennelijk opgemerkt dat verdachte de heup van [slachtoffer 1] heeft aangeraakt en dat roept twijfel op of het wel om ontuchtige handelingen gaat. Voorts zou het volgens de raadsman kunnen dat [slachtoffer 1], door er met haar moeder over te spreken, onbewust bepaalde gebeurtenissen voor waar is gaan aannemen. Zij is daardoor gaan geloven dat er in plaats van onschuldig stoeien, sprake is geweest van ontuchtige handelingen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7fc333498117f9e6fe835e6b53f18d308407613957d0693e30de99a3f9c8401c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7fc333498117f9e6fe835e6b53f18d308407613957d0693e30de99a3f9c8401c, en de alinea staat in dat document op bytes 33712 tot 34183.