Citaat | Hoge Raad 14 augustus 2015
Onder 2.5.2. Hoge Raad 14 augustus 2015
Een alinea uit Hoge Raad 14 augustus 2015, ECLI:NL:HR:2015:2162.
Het Hof heeft de opmerking waarop het middel zich beroept kennelijk en, bezien in het licht van de context waarin deze opmerking is geplaatst, niet onbegrijpelijk opgevat als een uitvloeisel van de stelling dat het aanslagbiljet verkeerd was geadresseerd, en niet als een zelfstandige betwisting van de verzending als zodanig. Ook voor zover het middel zich keert tegen ’s Hofs vaststelling dat niet is betwist dat toezending van de navorderingsaanslag aan [G] heeft plaatsgevonden op 31 december 2009, faalt het daarom.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41bb6a6d73b792a4020f2b315f863826bf302d4c3f4c79845544648ec21a1beb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41bb6a6d73b792a4020f2b315f863826bf302d4c3f4c79845544648ec21a1beb, en de alinea staat in dat document op bytes 15153 tot 15688.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41bb6a6d73b792a4020f2b315f863826bf302d4c3f4c79845544648ec21a1beb | shasum -a 256