Citaat | Hoge Raad 14 augustus 2015

Onder 2.5.6. Hoge Raad 14 augustus 2015

Een alinea uit Hoge Raad 14 augustus 2015, ECLI:NL:HR:2015:2165.

Uit de hiervoor in 2.2.1 omschreven oordelen van het Hof blijkt niet dat het Hof de hiervoor in 2.5.5, tweede alinea, omschreven toetsing heeft uitgevoerd. Indien het Hof van de juiste rechtsopvatting is uitgegaan zijn deze oordelen niet voldoende gemotiveerd in het licht van de in hoger beroep niet bestreden vaststelling van de Rechtbank dat belanghebbende en de Inspecteur van mening verschilden over zowel de vaststelling als de waardering van de feiten. Opmerking verdient dat de omstandigheid dat na de vaststelling van de uitnodigingen tot betaling de daaraan ten grondslag gelegde feiten en omstandigheden niet voortvarend aan belanghebbende zijn bekendgemaakt en dat bij het uitvoeren van de hiervoor bedoelde toetsing in aanmerking moet worden genomen het antwoord op de vraag of belanghebbende mede in het licht hiervan zijn verdedigingsrechten effectief ten uitvoer had kunnen leggen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/925d2d0e79c69851034a81d5b6fb51f718457a2e99dc6496d755ebbc9c156444. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 925d2d0e79c69851034a81d5b6fb51f718457a2e99dc6496d755ebbc9c156444, en de alinea staat in dat document op bytes 16178 tot 17090.