Citaat | Hoge Raad 8 september 2015

Onder 2.4. Hoge Raad 8 september 2015

Een alinea uit Hoge Raad 8 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2483.

In de onderhavige zaak is het kennelijke oordeel van het Hof dat het bewijs dat de verdachte het onder 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan niet alleen kan worden aangenomen op grond van hetgeen de aangeefster heeft verklaard maar dat de door haar gereleveerde feiten en omstandigheden voldoende steun vinden in ander gebezigd bewijsmateriaal, niet zonder meer begrijpelijk. De belastende inhoud van de overige bewijsmiddelen is immers slechts te herleiden tot de eigen verklaring van de aangeefster. De bewezenverklaringen van de feiten 2 en 3 zijn daarom ontoereikend gemotiveerd. Het middel is in zoverre terecht voorgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bee4c1dba01e04867034848828360bd7ea47fe530018c42beaee15d297b47f18. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bee4c1dba01e04867034848828360bd7ea47fe530018c42beaee15d297b47f18, en de alinea staat in dat document op bytes 19767 tot 20407.