Citaat | Hoge Raad 11 september 2015

Onder 3.2.4 Hoge Raad 11 september 2015

Een alinea uit Hoge Raad 11 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2528.

“4.7 Dit geval kenmerkt zich erdoor dat er één feitelijk vervoerder is voor het traject van de hoofdvervoerovereenkomst, namelijk [eiseres]. De vervoerders Trans-O-Flex en [verweerster] dienen, bij gebreke van andersluidende aanknopingspunten, aangemerkt te worden als uitsluitend “papieren” vervoerders. [eiseres] heeft als feitelijk vervoerder de goederen en de vrachtbrief onder zich genomen bij het laadadres en heeft deze vervoerd naar het – gewijzigde – losadres. Bij bevestigende beantwoording van de (…) vraag [of in een geval als het onderhavige sprake kan zijn van opvolgend vervoer], is er naar het zich laat aanzien geen onderscheid meer tussen een ondervervoerder en opvolgend vervoerder maar zal de ondervervoerder steeds ook opvolgend vervoerder zijn, mits aan de andere voorwaarden van artikel 34 CMR is voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/402ea650b86d56950dddf9fb0a2d8b68025c7bf806ef1516ce85f2f9a27f0cf4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 402ea650b86d56950dddf9fb0a2d8b68025c7bf806ef1516ce85f2f9a27f0cf4, en de alinea staat in dat document op bytes 11335 tot 12190.