Citaat | Hoge Raad 11 september 2015

Onder 3.7.2 Hoge Raad 11 september 2015

Een alinea uit Hoge Raad 11 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2528.

Het onderdeel faalt. Vast staat dat [verweerster] het vervoer niet feitelijk heeft uitgevoerd en dat zij niet de goederen in ontvangst heeft genomen. Zij kan derhalve niet als opvolgend vervoerder in de zin van art. 34 CMR worden aangemerkt. Dit staat echter niet eraan in de weg dat [eiseres] wel wordt aangemerkt als opvolgend vervoerder in de zin van art. 34 CMR, mits ten aanzien van haar aan alle vereisten van die bepaling is voldaan. Anders dan onderdeel 2.3 tot uitgangspunt neemt, stoelt de regeling van hoofdstuk VI CMR niet op het vereiste dat in de gehele keten sprake is van opvolgend vervoer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/402ea650b86d56950dddf9fb0a2d8b68025c7bf806ef1516ce85f2f9a27f0cf4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 402ea650b86d56950dddf9fb0a2d8b68025c7bf806ef1516ce85f2f9a27f0cf4, en de alinea staat in dat document op bytes 25918 tot 26537.