Citaat | Hoge Raad 15 september 2015

Onder 2.2.2. Hoge Raad 15 september 2015

Een alinea uit Hoge Raad 15 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2578.

Op 6 mei 2011 was ik in de AH met mijn zus [betrokkene 2] . Wij waren boodschappen aan het doen. Er liepen twee jongens achter ons langs. Het was een negroide jongen en ik denk een Marokkaan. Opeens gaf de negroïde jongen een klap tegen mijn bil. Het was een klap met een vlakke hand. Ik draaide mij om toen ik het voelde en ik zag die negroïde man achter mij staan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d34d46e28895358ba9ef4da078bc837f6bbbcada7aea73fefdbcd59b7c074d05. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d34d46e28895358ba9ef4da078bc837f6bbbcada7aea73fefdbcd59b7c074d05, en de alinea staat in dat document op bytes 7095 tot 7476.