Citaat | Hoge Raad 15 september 2015
Onder 2.2.2. Hoge Raad 15 september 2015
Een alinea uit Hoge Raad 15 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2636.
In beide situaties geldt dat indien de rechter-commissaris oordeelt dat stukken van de advocaat of notaris in beslag mogen worden genomen, deze meestal niet ter beschikking van de officier van justitie worden gesteld, maar worden verzegeld. Er wordt gewacht of de geheimhouder tegen de beslissing van de rechter-commissaris een klaagschrift indient bij de rechtbank - conform artikel 552a Sv -, en zo ja, totdat op dit klaagschrift is beslist. Daarmee wordt voorkomen dat tussentijdse, achteraf als onrechtmatig beoordeelde, kennisneming van de inhoud van stukken gevolgen heeft voor de bewijsverzameling in de strafzaak. Omdat tegen de beschikking van de raadkamer in beklagzaken tevens cassatieberoep kan worden ingesteld bij de Hoge Raad, betekent dit in de huidige praktijk dat het vaak lang duurt - soms meer dan een jaar - alvorens er sprake is van een definitieve beslissing over kennisneming.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a67a66c0cce3053746b2f177a258d58c067ef37ce87e5523d5e41a97cf8c012d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a67a66c0cce3053746b2f177a258d58c067ef37ce87e5523d5e41a97cf8c012d, en de alinea staat in dat document op bytes 13359 tot 14272.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a67a66c0cce3053746b2f177a258d58c067ef37ce87e5523d5e41a97cf8c012d | shasum -a 256