Citaat | Hoge Raad 9 oktober 2015
Onder 3.4.4 Hoge Raad 9 oktober 2015
Een alinea uit Hoge Raad 9 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3018.
Gelet op het voorgaande moet vraag 1 aldus worden beantwoord dat de stuitende werking op de voet van art. 3:316 lid 1 BW van een collectieve vordering in de zin van art. 3:305a BW zich uitstrekt tot de verjaring vanop die collectieve actie aansluitende individuele vorderingen tot vernietiging van rechtshandelingen krachtens art. 1:89 BW, hetgeen ingevolge het bepaalde in art. 3:52 lid 2 BW ertoe leidt dat ook de verjaring van de bevoegdheid tot het uitbrengen van een buitengerechtelijke verklaring wordt gestuit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ca6e1a6563fda4962136c592275bd3d30b6decb7bda9bb719afb3aaf39376df. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ca6e1a6563fda4962136c592275bd3d30b6decb7bda9bb719afb3aaf39376df, en de alinea staat in dat document op bytes 27375 tot 27905.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8ca6e1a6563fda4962136c592275bd3d30b6decb7bda9bb719afb3aaf39376df | shasum -a 256