Citaat | Hoge Raad 13 oktober 2015

Onder 2.6. Hoge Raad 13 oktober 2015

Een alinea uit Hoge Raad 13 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3076.

In de onderhavige zaak is door de klager, de beslagene, aangevoerd dat het verschoningsrecht van [A] is geschonden. Namens [A] is, gelijktijdig met het klaagschrift van de klager, bij de Rechtbank een klaagschrift ingediend dat eveneens strekt tot opheffing van het beslag op die onder de klager inbeslaggenomen stukken en waartoe is aangevoerd dat deze stukken onder het (afgeleide) verschoningsrecht van [A] vallen. Nu in de beklagzaak van [A] nog niet onherroepelijk is beslist - bij beschikking van 15 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2636, heeft de Hoge Raad in die zaak de bestreden uitspraak vernietigd en de zaak teruggewezen naar de Rechtbank - heeft de klager zijn belang bij zijn klacht niet verloren. De klager is derhalve ontvankelijk in het cassatieberoep.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5af749dbac07b2f882eefac2a984f4c7ac708f2ff87bb986c9caad50a2833f37. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5af749dbac07b2f882eefac2a984f4c7ac708f2ff87bb986c9caad50a2833f37, en de alinea staat in dat document op bytes 20981 tot 21763.