Citaat | Hoge Raad 16 oktober 2015

Onder 2.2.3. Hoge Raad 16 oktober 2015

Een alinea uit Hoge Raad 16 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3081.

De aanleiding voor de hiervoor in 2.2.2 bedoelde wetswijziging was een evaluatie van artikel 40 van de Wet, waaruit naar voren kwam dat dit artikel in de praktijk moeilijk toepasbaar was. De belangrijkste redenen daarvoor waren het feit dat volgens de wettekst zoals die op dat moment luidde, sprake moest zijn van (staking van) een door de belastingschuldige vennootschap gedreven onderneming en de op de ontvanger rustende last om de wetenschap van benadeling van de fiscus bij de vervreemdende aandeelhouder aannemelijk te maken. Opgemerkt werd dat met de handel in vervangingsreserve- en andere kasgeldvennootschappen geen maatschappelijk wenselijk doel is gediend en dat de malafide handel in dergelijke vennootschappen toenam ondanks de invoering van artikel 40 van de Wet in 1990 (zie voor dit een en ander de onderdelen 4.6 en 4.7 van de conclusie van de Advocaat-Generaal).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/67fa35c4a39dd29a190e03c88887fb6d324809d95ff5121bbf6acf33e6e3621b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 67fa35c4a39dd29a190e03c88887fb6d324809d95ff5121bbf6acf33e6e3621b, en de alinea staat in dat document op bytes 9213 tot 10109.